Jongvee
Biestperiode
Algemeen
De geboorte van het kalf dient zo soepel en hygiënisch mogelijk te verlopen. De koe dient tijdig naar de afkalfstal verplaatst te worden om zo min mogelijk stress te hebben tijdens het kalven. De koe zal het rustigst zijn wanneer ze haar koppelgenoten nog wel kan zien en horen.
De afkalfstal dient altijd schoon te zijn, zodat er direct na de geboorte zo min mogelijk kans bestaat op besmetting van het kalf.
Voeding
In de biestperiode geldt de volgende stel regel: Vlug, Vaak, Veel en Vers.
Vlug is nodig omdat de eerste biest van de koe de meeste afweerstoffen bevat, de hoeveelheid antistoffen is na 12 uur al gehalveerd. Daarnaast neemt de doorlaatbaarheid, voor de antistoffen, van de darmen van het kalf snel af. Biest bevat ook lichtverteerbare voedingsstoffen, mineralen, vitaminen en een stof die zorgt voor het opgang komen van de ontlasting.
Vaak is nodig om het kalf voldoende op te laten nemen in niet te grote porties.
Veel biest betekent veel afweerstoffen en veel snelverteerbare voedingsstoffen. Hierdoor is het kalf snel in staat om vitaal te blijven.
De verstrekte biest moet vers zijn, schoon opgevangen en vrij van rottingsbacteriën.
Als het kalf de biest niet zelf wil of kan opnemen moet de biest gegeven worden met een sonde. Houdt hierbij wel goed rekening met de hygiëne.
Biest kan volgens het volgende schema verstrekt worden:
| Leeftijd | Hoeveelheid in liters |
| Eerste levensuren | 1,5-2 |
| t/m dag 4 | Onbeperkt |
Huisvesting
Het kalf moet tot 2 weken individueel gehuisvest worden zodat goede controle mogelijk is op opname van de biest en op de mest.
Het hok moet schoon zijn en voorzien zijn van vers strooisel. Na ziektes het hok altijd ontsmetten om verspreiding te voorkomen.
Melkperiode
Algemeen
Regelmaat is belangrijk in de melkperiode, dit geldt voor zowel het tijdstip van het voeren als voor de hoeveelheid melk die verstrekt wordt.
De melkverstrekking kan gerantsoeneerd zijn of via voorraadvoedering, de schema’s die hierbij horen staan onder het kopje voeding beschreven.
Naast de melk kunnen de kalveren vanaf de tweede levensweek ruwvoer en krachtvoer opnemen.
Bij goede melkperiode kunnen de kalveren na 9 weken gespeend worden afhankelijk van de conditie en ruwvoer- en krachtvoeropname.
Voeding
Bij de gerantsoeneerde voedering worden de kalveren tweemaal daags Sprayfo (www.sprayfo.nl) melk gevoerd.
Voerschema Sprayfo
| Leeftijd | Biest/Sprayfo |
| 1e t/m 4e dag | Biest |
| 5e t/m 7e dag | 2* 1½ltr Sprayfo |
| 2e week | 2* 2ltr Sprayfo |
| 3e week | 2* 2½ltr Sprayfo |
| 4e t/m 7e week | 2* 3ltr Sprayfo |
| 8e week | 2* 2½ltr Sprayfo |
| 9e week | 2* 2ltr Sprayfo |
Bij voorraadvoedering moet het kalf constant melk beschikbaar hebben via de speenemmer. De eerste 14 dagen is het kalf individueel gehuisvest, daarna kunnen de kalveren in kleine uniforme groepen gehuisvest worden.
Naast de Sprayfo moet vanaf de tweede levensweek voldoende schoon en fris drinkwater beschikbaar zijn. Ook ruwvoer en krachtvoer moeten vanaf dan beschikbaar zijn om een goede pensontwikkeling te stimuleren. Voor dit voer geldt dat het vers en smakelijk moet zijn. De voorkeur gaat uit naar hooi en daarnaast Kalvermuesli of Babykalverkorrel.
Het voer dient regelmatig ververst te worden om de smakelijkheid te behouden. De minimum krachtvoeropname die geadviseerd wordt bij spenen is 1500 gram per dag. Om dit te bereiken worden er de laatste twee weken voor het spenen minder voedingsstoffen uit de melk gegeven om zo de ruwvoer- en krachtvoeropname te stimuleren.
Huisvesting
De eerste twee weken individueel op schoon en droog stro. Vanaf twee weken in groepshokken op stro, let hierbij wel op de uniformiteit van de groep.
De watervoorziening dient op ± 50 cm hoogte te zitten, bij gebruik van drinkbakjes wel geregeld de bakjes schoonmaken.
Het hooi dient makkelijk bereikbaar zijn, bijvoorbeeld via een ruif en dichtbij de watervoorziening. De kalvermeusli of babykalverkorrel dient in een voerbak op ± 40 cm hoogte aan geboden worden.
2 maanden tot afkalven
Algemeen
In deze periode gaat het erom de pink drachtig te krijgen en ervoor te zorgen dat ze voldoende gewicht heeft na het afkalven. Er wordt gestreefd om met de leeftijd van 14-15 maanden de pink te insemineren om zo de dieren op 24 maanden leeftijd te laten afkalven. Het gewenste gewicht bij insemineren is minimaal 370 kg of 170 cm borstomvang. De hoogste groei is niet altijd ideaal omdat er dan kans op uiervervetting bestaat. Hierdoor kan de latere melkproductie gaan tegenvallen
Hieronder staat de gewenste groei om bij 24 maanden te laten afkalven:
| Leeftijd (mnd) | Groei/dag | Gewicht (kg) | Borstomvang (cm) |
| 0 | 600 | 40 | 74 |
| 2 | 850 | 77 | 94 |
| 4 | 900 | 128 | 113 |
| 6 | 950 | 183 | 129 |
| 8 | 900 | 241 | 142 |
| 10 | 825 | 296 | 153 |
| 12 | 750 | 347 | 162 |
| 14 | 675 | 392 | 170 |
| 16 | 625 | 433 | 176 |
| 18 | 575 | 472 | 181 |
| 20 | 500 | 507 | 186 |
| 22 | 400 | 537 | 190 |
| 24 | 250 | 562 | 193 |
Voeding
De voeding dient afgestemd te zijn op de behoefte voor de groei en onderhoud van de pink. Daarnaast speelt de opnamecapaciteit een belangrijke rol.
Als deze twee zaken bij elkaar bekeken worden komen we op een rantsoen dat steeds schraler dient te worden.
Direct na het spenen is de opnamecapaciteit van het kalf nog beperkt. Het rantsoen voor deze dieren dient dus geconcentreerd te zijn om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen. De babykalverkorrel is een brok die veel goede, verteerbare voedingsstoffen bevat en kan daarom tot een leeftijd van 10-12 werken onbeperkt gevoerd worden. Daarna kan tot 6 maanden leeftijd maximaal 2 kg gegeven worden. De gift kan hierna afgebouwd worden zodat er vanaf 9-10 maand geen krachtvoer meer gegeven wordt. Zorg tot aan het insemineren wel voor een goede kwaliteit ruwvoer om een goede groei te houden.
Tijdens de dracht voldoet een rantsoen met gemiddeld 850 VEM en 45 WDVE. Dit rantsoen kan bereikt worden door kuil eventueel te combineren met stro en/of iets mais. De mineralen voorziening is in deze periode wel een punt van aandacht, bij een tekort kan het rantsoen aangevuld worden met Mervit Jongvee.
De verstrekking van enig zetmeel is gewenst in verband met de ontwikkeling van de penspapillen. Dit geldt voornamelijk voor de eerste 3 maanden. Het zetmeel kan bijvoorbeeld afkomstig zijn uit maïs. Om de vaars te laten wennen aan het krachtvoer kan 3 weken voor het afkalven al 1 kg per dag gegeven worden.
Huisvesting
Vanaf 3 maand kunnen de kalveren in een ligboxenstal gehuisvest worden. De ligplaatsen dienen schoon en droog te zijn. De stal dient verder een fris klimaat te hebben. Kou is niet erg, maar tocht dient vermeden te worden om longproblemen te voorkomen. Gezondheidstechnisch is het aan te raden het jongvee gescheiden te houden van de melkkoeien. De hoogdrachtige dieren kunnen wel bij het melkvee om te wennen aan de nieuwe koppel en het nieuwe rantsoen.
Hieronder staan richtlijnen voor de afmetingen in de jongveestal.
| Leeftijd (mnd) | 3-6 | 6-12 | 12-18 | 18-24 |
| Boxbreedte (cm) | 80 | 90 | 100 | 100 |
| Boxlengte (cm) | 180 | 190 | 210 | 220 |
| Hoogte schoftboom (cm) | 75 | 85 | 95 | 105 |
| Eetbreedte/dier (cm) | 45 | 50 | 55 | 60 |
| Hoogte drinkbakken (cm) | 80 | 100 | 100 | 100 |
CAVV Zuid-Oost Salland is uw leverancier voor:
| Sprayfo | De ideale kunstmelk voor een goede opfok van uw kalveren |
| Mervit | Voor een optimale mineralenvoorziening in de opfokperiode |
| Kalvermeusli | Smakelijke mix om kalveren te stimuleren om krachtvoer op te nemen |
| Babykalverkorrel | Krachtvoer voor een optimale start van de jongvee-opfok! |
Assortiment babykalverkorrel
| Babykalverkorrel Standaard | De allround kalverkorrel, kan verstrekt worden tot 2 kg per dier per dag |
| Babykalverkorrel Anti-Cox | De kalverkorrel met extra toevoeging voor een preventieve werking tegen coccidiose |
| Babykalverpensstimulansbrok | De extra veilige kalverkorrel die eventueel onbeperkt gevoerd kan worden |